energie

Energie (1)

 

Het is een term die we in het Westen niet zoveel gebruiken als het gaat om de mens, om ons lichaam. We hebben het hoogstens over een gebrek eraan.

En toch, energie, het is het eerste en belangrijkste waar we het over zouden moeten hebben. Ons lichaam is in eerste instantie een energielichaam. Ons lichaam bestaat uit talloze moleculen en al die moleculen hebben gemeen dat ze een kern hebben met daarom bewegende elektrische deeltjes.
Wat ze bovendien gemeen hebben, is dat de hoeveelheid materie gering is en dat ze voor meer dan 99 % uit ruimte bestaan. En zo vormen ze een energetisch geheel. Als je dat vertaalt naar het hele lichaam, bestaat ons lichaam voor 99% uit ruimte, en slechts voor 1% uit materie. We zijn dus een veld aan energie. Maar wel zulke dichte energie dat we het ervaren als ‘lichamelijk lichaam’, als materie.

Los van wat de Oosterse geneeskunde allemaal (meer) weet over die energie, met de energiebanen en reservoirs, met de energieblokkades, en de manieren om de Qi weer te laten stromen, ervaren we – als we eerlijk en bewust zijn – wel de meeste veranderingen in het lichaam als energieveranderingen.

“Ik heb de laatste tijd zo weinig energie”. “Ik moet ’s ochtends op gang komen”. “Het is alsof er geen energie in mijn benen zit”. “Die mededeling heeft me met lamheid geslagen”. “Ik voel me zo slap als een vaatdoek”.
Omgekeerd kennen we allemaal (misschien in herinnering) het gegeven dat we ons vitaler, energieker voelen na sporten.
Ik krijg sowieso regelmatig te horen van mensen na hun Chi Neng Qigong les dat ze zich minder moe en energieker voelen.

En ook als we in een bepaalde ruimte komen, kunnen we het verschil in energie voelen. Denk maar aan het gevoel op het strand of in de natuur, het gevoel op een begraafplaats, op een bruiloft, op een kinderspeelplaats, op een verjaardag bij een oude dame of een kind, in een kerk (en zelfs verschillende kerken), etc.
Ook op een verjaardag kun je binnenkomen en een gevoel krijgen van ‘ha, lekker’ of ‘tjé, wat voelt het hier zwaar’.

Dat laatste kan dan weer komen door de aanwezige mensen, of soms zelfs door één aanwezig iemand. Dat laatste soms letterlijk en figuurlijk. En ook als we ergens binnenkomen waar net ruzie is geweest, of net een heftig gesprek is geweest, voelen we de energie in die ruimte.

Sterker nog, als we bij de slager of de groenteboer tussen de wachtenden hebben gestaan, kan het zijn dat we buiten gekomen merken dat onze stemming is veranderd. We kwamen vrolijk binnen, en nu voelen we ons bedrukt, of een beetje verdrietig. Onze energie is veranderd. Vanuit de NEI weet ik dat dat kan komen omdat we een of meerdere emoties hebben opgepikt (opgenomen) van een van de andere aanwezigen, maar daar gaat het nu niet om. Het gaat mij om het feit dat onze energie veranderd is.

Persoonlijk is voor mij een verjaardag, en soms ook het lopen door een supermarkt – zeker als ik die niet ken – slopend. Mijn energiepeil holt omlaag. In mijn geval zijn het niet zozeer de emoties, maar de indrukken, de informatie, die het veroorzaken. Al die indrukken komen binnen, en kosten energie (om te handelen).

Dat geldt trouwens voor alle naar buiten gerichte aandacht. Praten met een ander, werken achter de computer, televisie kijken, en ga zo maar door. We verliezen er energie mee. In de Qigong zeggen we dat de Qi is waar de aandacht is. Dus door Tv te kijken, of met de computer te werken, laten we de Qi naar het scherm gaan…. En uit het lichaam. Het lichaam krijgt minder Qi, minder levensenergie, en we worden meer moe. Dat gebeurt ook als we praten met een ander. En als het gesprek heftiger is, zal dat erger zijn…………………

Wordt vervolgd…

Submit to FacebookSubmit to Google PlusSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn