luister

Luisteren

In de huisartsenpraktijk had ik al snel door dat het medisch-technische van de geneeskunde-opleiding en huisartsspecialisatie belangrijk was. Het was belangrijk goed een diagnose te kunnen stellen, goed longen te kunnen beluisteren, goed te onderzoeken. Het was belangrijk de goede medicatie te geven – niet te weinig, niet te veel.

Maar waar ik ook snel achter was, was dat het misschien nog wel belangrijker was een luisterend oor te hebben.
Ik had dat, en dacht dat dat duidelijk was. Tot ik homeopathie ging studeren. Toen zeiden mensen ineens tegen me “dokter, u luistert beter”. Ik schrok ervan, want dat had ik altijd al gedaan. Wat was er anders dan?

Nadat ik daar uitgebreid over na had gedacht, drong het langzaam tot me door:

Als ‘gewone’ dokter kun je met de meeste informatie die iemand geeft helemaal niets. Je hoort het dus, maar kunt er niets mee. Je zou kunnen zeggen dat het ‘t ene oor binnenkomt en het andere weer uitgaat. Je hebt het gehoord, maar doet er niets mee. Je kunt alleen iets met klachten waar je iets tegen kunt geven (zo sterk hebben we medicamenteus leren denken!) en niet iets met wat de patiënt vervelend vindt maar jij als arts niets mee kunt. Of wat niet past bij de andere klachten, waardoor het allemaal op zichzelf staande klachten lijken.
Maar als homeopathisch arts wil je alles weten, tot in de kleinste details. Alle klachten horen bij elkaar, hoe gek ook. Ik hoorde dus hetzelfde en het kwam in beide gevallen mijn oren binnen, maar ik deed er wat anders mee. Als ‘gewone’ huisarts deed ik met een klein gedeelte iets omdat ik daar iets mee kon en ik schreef nauwelijks iets op, als homeopathische georiënteerd huisarts deed ik met alles iets omdat het allemaal van belang kon zijn en ik schreef ook veel meer op.

En dat was kennelijk wat maakte dat mensen dachten dat ik beter luisterde.

Onbewust was ik dus geïnteresseerder in (al) hun symptomen en gevoelens. En eerlijk is eerlijk, ik nam ook alle klachten serieus, dus de persoon die ze uitte serieuzer!
Vaak heb ik het gevoel gehad dat het belangrijker was een arts met sympathie en compassie te zijn, met een goed luisterend oor, dan een medisch-technisch bekwaam arts met weinig interesse voor de persoon. In veel gevallen was luisteren misschien wel het beste recept. Een nog beter recept als je daarna gewoon kon geruststellen of met een paar vragen de persoon zelf de oplossing kon laten bedenken. (Overigens niet in de vorm van ‘wat denk je zelf?’, want dat irriteert de meeste mensen – en een beetje terecht, daar komen ze niet voor).

Maar gezien de ervaring met het ‘dokter, u luistert beter’, vraag ik me af hoe dat tegenwoordig ervaren wordt, als de arts op naar óf zijn/haar toetsenbord óf zijn/haar computerscherm zit te kijken. Hoe beluisterd zal de gemiddelde patiënt zich voelen?

Submit to FacebookSubmit to Google PlusSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn